Luis Landero: Ridders van fortuin
Luis Landero (geboren in de provincie Badajoz, 1948) is een bijzonder fenomeen in de Spaanse letteren. De geschiedenis van een onbegrepen man, zijn eerste roman uit 1989, was in Spanje een ongekend succes en werd in negen landen vertaald (in Nederland bij Amber). Zijn debuut heeft nu een waardige opvolger gevonden in Ridders van fortuin, een boek waarmee Landero zijn vooraanstaande positie in de Spaanse -en Europese- letteren bevestigt. Uit de pers 'Naast de existentialistische
ironie van zijn debuut steekt Landero's tweede roman als veel
humanistischer af. De onbarmhartigheid van vooral de eerste
tachtig bladzijden van het debuut heeft plaats gemaakt voor een
mildheid die heet te komen met de jaren en met de onthechte blik
van toeschouwers die alles al wel eens hebben zien gebeuren. Ridders
van fortuin is ongetwijfeld minder opmerkelijk, minder
prikkelend en toegeeflijk dan De geschiedenis van een
onbegrepen man. Zo'n zachtmoedig vervolg op een ongehoord
debuut wordt een schrijver dan al snel kwalijk genomen. Maarten t Hart wijdde in NRC Handelsblad (in de rubriek Gevallen boeken, over boeken die om onbegrijpelijke redenen in de ramsj zijn gegaan.) de volgende lovende bewoordingen aan Landeros debuutroman: Al na een paar paginas in De geschiedenis van een onbegrepen man was ik verloren. Nog steeds vind ik het een van de beste, meest indrukwekkende boeken die ik dit jaar gelezen heb (...) Toen ik drie paginas ver was, wist ik: dit is een meesterwerk. Het is geestig, ontroerend, vertederend. (...) Het is waar: bij de meeste vestigingen van Vroom & Dreesmann kan men voor de luttele somma van slechts zes gulden dit komische, droevige, grappige, uitbundig geschreven boek aanschaffen. Dat is enerzijds natuurlijk aantrekkelijk, maar anderzijds toch ook jammer. Landero heeft inmiddels een tweede roman gepubliceerd, die in Spanje groot opzien heeft gebaard. De kans dat die tweede roman vertaald zal worden is na het uitblijven van succes van de eerste roman wel heel klein geworden. In Spanje werd uiteraard met hoog gespannen verwachtingen uitgekeken naar die tweede roman van Landero. Te hoog gespannen? Miguel García Posada schreef in El País van 5 februari 1994 (onder de kop Dromen en hersenschimmen. De briljante duurzaamheid van een tweede roman): Landeros tweede roman hoeft die verwachtingen niet teleur te stellen als we kijken naar de mechanismen die de auteur heeft toegepast en die niet anders zijn dan in De geschiedenis... Opnieuw worden wij onthaald op Cervanteske, Quijoteske strategieën: er zijn veel halfdwaze, visionaire of dromende figuren die de werkelijkheid vormen naar hun verbeelding, naar hun verlangens; opnieuw belanden we in een universum dat wordt ontgonnen met groteske humor. Verre van een herhaling van schemas en situaties, toont de roman ons een auteur die trouw is aan zijn wereld. (...) Luis Landero heeft een briljante, sprankelende, vermakelijke, ontroerende en droevige roman geschreven, waarin zijn ironische en vermetele verbeelding opnieuw gebieden betreedt waar de realiteit wordt gevuld met wolken, nevelen en sluiers of gewoonweg onbegrijpelijk wordt. (...) Waar het om draait is de consistentie, de diepgang, de kwaliteit van deze Ridders van fortuin, die Luis Landeros vooraanstaande plaats als modern Spaans romanschrijver bevestigt. |